Huisreglement

Uit ajour
Ga naar: navigatie, zoeken


Inhoud

Van de leden

Artikel 1
De secretaris zendt aan de nieuwe leden, binnen 30 dagen na ontvangst van een aanvraag tot lidmaatschap een exemplaar van de statuten en het huishoudelijk reglement.

Artikel 2
1. Het lidmaatschap eindigt in de gevallen genoemd in artikel 5 der statuten op de datum van het intreden van desbetreffende omstandigheid.
2a. Het lidmaatschap eindigt in geval van schriftelijke opzegging - genoemd in artikel 5 der statuten - op de laatste dag van de volgende maand, waarin de opzegging is ingekomen bij het bestuur.
2b. De opzegging dient te worden gezonden aan de secretaris, tenzij dit op een ledenvergadering kenbaar wordt gemaakt en door de secretaris in de notulen wordt opgenomen.

Artikel 3
1. De leden, die - na schriftelijke sommatie - niet binnen 4 weken na hun contributieverplichtingen voldoen, worden door het bestuur van het lidmaatschap vervallen verklaard.
2. Het bestuur geeft het betrokken lid schriftelijk bericht van het besluit tot vervallenverklaring.

Artikel 4
Leden kunnen op voorstel van het bestuur of 10 leden door de ledenvergadering worden geroyeerd wegens:
1. het overtreden van de statuten of de reglementen van de vereniging;
2. het handelen in strijd met een besluit van de vergadering of van het bestuur, mits zodanig besluit schriftelijk ter kennis is gebracht van de leden of van het desbetreffende lid in het bijzonder;
3. het handelen in strijd met het doel en/of de belangen van de vereniging.

Artikel 5
1. De door de vereniging reeds met derden aangegane verplichtingen vóór het moment van uittreden van het lid blijven voor dit lid onverminderd van kracht.
2. Onder tijdstip van uittreden wordt verstaan het moment van kennisname van het uittreden door de secretaris.
3. Het bestuur kan in bijzondere gevallen ontheffing van het in lid 1. van dit artikel gestelde verlenen.

Artikel 6
1. Binnen een week nadat tot royement is besloten, geeft het bestuur betrokkene door middel van een aangetekend, met redenen omkleed schrijven hiervan kennis.
2. Binnen 1 maand na ontvangst van de kennisgeving, bedoeld in het vorige lid, kan de betrokkene door middel van een met redenen omkleed schrijven bij het bestuur in te dienen, beroep instellen bij de vergadering.
3. De vergadering wordt bijeengeroepen binnen 1 maand na ontvangst van het beroepschrift genoemd in vorig lid.
4. De beslissing van de vergadering op een beroepschrift wordt binnen 1 week, nadat de betreffende vergadering heeft plaatsgehad, schriftelijk aan de betrokkene medegedeeld.
5. In geval van royement eindigt het lidmaatschap op de dag waarop de beslissing door de ledenvergadering wordt genomen, zodat betrokkene vanaf dat tijdstip alle rechten verliest die aan het lidmaatschap zijn verbonden.
6. Indien de vergadering besluit tot intrekking van het royement, wordt het lidmaatschap geacht zonder onderbreking te hebben voortgeduurd.

Artikel 7
Alle leden zijn verplicht alvorens zaken van collectief belang te behartigen, contact op te nemen met het bestuur, teneinde doelstelling en strategie af te stemmen.

Van het bestuur

Artikel 8
De vergadering stemt alleen over diegenen der gestelde kandidaten, van wie een schriftelijke verklaring bij het bestuur is ingekomen, dat hij/zij bereid is een kandidatuur te aanvaarden, dan wel dat zulk een verklaring mondeling wordt gedaan in de betreffende vergadering.

Artikel 9
1. De voorzitter zit de ledenvergadering, alsmede de bestuursvergadering voor.
2. De voorzitter ziet toe, dat de besluiten van het bestuur en de ledenvergadering tijdig worden uitgevoerd.
3. De voorzitter vertegenwoordigt de vereniging buiten het verenigingsverband.
4. In geval van ontstentenis wordt de voorzitter vervangen door de vicevoorzitter.

Artikel 10
De secretaris is belast:
1. met de zorg voor de algemene correspondentie van de vereniging, alsmede met de samenstelling, van rapporten en verslagen;
2. met de zorg voor documentatie;
3. met het opstellen en bijhouden van een ledenregistratie.

Artikel 11
1. De penningmeester beheert de geldmiddelen van de vereniging overeenkomstig de besluiten van de ledenvergadering en het bestuur.
2. De penningmeester zorgt voor het regelmatig bijhouden van een overzichtelijke boekhouding.
3. De penningmeester is verantwoording schuldig voor zijn beheer aan het bestuur en de ledenvergadering; hij geeft het bestuur en de ledenvergadering op door deze te bepalen tijdstippen, doch in ieder geval jaarlijks op de Algemene Ledenvergadering als bedoeld in artikel 12, lid 1. der statuten, een overzicht van inkomsten en uitgaven van het afgelopen jaar alsmede een begroting voor het volgende verenigingsjaar.

Artikel 12
1. Zo mogelijk zal aan het bestuur worden toegevoegd een of meerdere bouwtechnische adviseur(s), gekozen vanuit de leden.
2. In zijn hoedanigheid als adviseur zal hij het bestuur regelmatig informeren omtrent technische zaken de bouw betreffende.
3. Voorts is het bestuur bevoegd externe deskundigen aan te trekken.
4. Ieder bestuurslid kan zich laten bijstaan door een werkgroep.

Artikel 13
1. De leden van het bestuur beëindigen hun functie door vrijwillige opzegging, dan wel door ontheffing uit hun functie door de ledenvergadering, zoals gesteld in artikel 10 der statuten.
2. Om te voorkomen dat alle bestuursleden om de twee jaar gelijktijdig zouden aftreden, wordt door het bestuur een regeling ontworpen, waardoor dit wordt voorkomen.
3. Een en ander geschiedt met inachtneming van het gestelde in artikel 9 der statuten.

Artikel 14
Het bestuur draagt er zorg voor dat relevante informatie, die zij verkrijgt van de instanties genoemd in artikel 10 der statuten, tijdig ter kennis wordt gebracht aan de leden.

Van de stemmingen

Artikel 15
1. Ten aanzien van alle stemmingen die worden gehouden gelden de regelen gesteld in dit artikel.

2a. Stemmingen kunnen worden gehouden tijdens de ledenvergadering of tussentijds schriftelijk, buiten de ledenvergadering.
2b. Stemmingen tijdens de ledenvergadering zijn eerst dan bindend als tenminste 15% van de stemgerechtigde leden aanwezig is. Tussentijdse schriftelijke stemmingen buiten de vergadering zijn eerste dan bindend als tenminste 30% van de leden het stembiljet heeft ingezonden.
2c. Per kavel kan slechts een stem worden uitgebracht.

3a. Aangenomen zijn besluiten waarop een meerderheid der stemmen is uitgebracht, tenzij de statuten of dit reglement een andere meerderheid der stemmen vereisen.
3b. Indien de stemmen staken wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
3c. Indien over een voorstel geen stemming wordt gevraagd wordt het voorstel geacht te zijn aangenomen.

4a. Tijdens de ledenvergaderingen wordt gestemd bij handopsteken.
4b. Indien tenminste 5 leden daarom verzoeken of indien moet worden gestemd over een benoeming, voordracht of aanbeveling van personen vindt tijdens de ledenvergadering schriftelijke stemming plaats. Is evenwel het aantal personen dat moet worden benoemd, voorgedragen of aanbevolen gelijk aan het aantal personen dat kandidaat is gesteld, dan worden dezen zonder stemmen geacht benoemd, voorgedragen of aanbevolen te zijn.
4c. De schriftelijke stemming tijdens de ledenvergadering geschiedt met gebruikmaking van gesloten en ongetekende briefjes.
4d. Bij schriftelijke stemming tijdens de vergadering wordt uit de aanwezigen een commissie van stemopneming benoemd. De vergadering kan deze benoeming aan de voorzitter overlaten.
4e. Bij schriftelijke stemming tijdens de ledenvergadering zijn ongeldig:

1) onduidelijk ingevulde biljetten;
2) blanco biljetten;
3) op ongeldige wijze ingevulde biljetten;
4) biljetten waarop andere personen staan dan waarop gestemd kan worden of waarop meer dan één persoon staat aangegeven;
5) biljetten welke ondertekend zijn.

4f. Indien in een stemming over personen bij de eerste stemming door niemand een meerderheid der uitgebrachte stemmen wordt gehaald zal een herstemming plaatsvinden tussen de twee personen die bij de eerste stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd. Personen die bij de eerste stemming evenveel stemmen hebben behaald als een van de hiervoor bedoelde personen komen eveneens voor de herstemming in aanmerking.
4g. Bij de herstemming zal gekozen worden verklaard de persoon die de meeste stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij herstemming de stemmen staken, beslist het lot.

5a. Bij tussentijdse stemming buiten de vergadering doet het bestuur de leden een stembiljet toekomen waarop dezen door doorhaling van de woorden ja/nee of voor/tegen hun oordeel kenbaar kunnen maken.
5b. Geldig zijn alleen die stembiljetten, die voorzien van de naam van het stemmende lid bij een van de leden van het bestuur worden ingezonden binnen de op het stembiljet vermelde termijn, die tenminste veertien dagen moet bedragen.
5c. Ongeldig zijn stembiljetten waarin niet de gevraagde doorhaling is gepleegd of die onleesbaar danwel onduidelijk zijn ingevuld.
5d. Het bestuur maakt de uitslag van de tussentijdse schriftelijke stemming binnen een maand aan de leden bekend.
5e. Tussentijdse schriftelijke stemmingen buiten de ledenvergaderingen kunnen niet worden gehouden ten aanzien van:

1) de benoeming, voordracht of aanbeveling van personen;
2) de gevallen waarin de statuten of dit reglement uitdrukkelijk een beslissing of machtiging van de ledenvergadering vereisen;
3) voorstellen tot wijziging van de statuten, dit reglement of tot ontbinding van de vereniging.

6a. Een lid dat niet in de gelegenheid is een ledenvergadering bij te wonen of aan een of meer tussentijdse schriftelijke stemmingen deel te nemen kan een ander lid of de tijdelijke bewoner van zijn huis schriftelijk machtigen die ledenvergadering namens eerstgenoemde te bezoeken en/of aan de stemming deel te nemen. De machtiging kan ook worden afgegeven voor een bepaalde periode. De gemachtigde dient het bestuur in kennis te stellen van de verleende machtiging.
6b. Voor de toepassing van dit artikel worden door machtiging vertegenwoordigde leden als aanwezige leden aangemerkt. De op basis van een machtiging uitgebrachte stemmen worden aangemerkt als door het lid dat de machtiging heeft afgegeven zelf uitgebrachte stemmen.
6c. Een lid kan maximaal op basis van 2 machtigingen, en voor zichzelf, stemmen.

Van de geldmiddelen

Artikel 16
Als entreegeld wordt geheven een bedrag van f 5,-- per kavel.

Artikel 17
Tijdens de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering zal door de vergadering een contributie, verschuldigd per kavel, worden vastgesteld. Hierbij is een stemmenmeerderheid van tenminste tweederde vereist. Een voorstel tot handhaving van de contributie op het in het voorafgaande jaar vastgestelde bedrag of een verlaging van de contributie kan evenwel bij tussentijdse schriftelijke stemming buiten de vergadering, overeenkomstig het gestelde in artikel 15, vijfde lid, worden vastgesteld. Voor een zodanig voorstel is een gewone stemmenmeerderheid vereist.

Artikel 18
1. De contributie is per kalenderjaar verschuldigd bij vooruitbetaling.
2. Degenen, die in de loop van het kalenderjaar lid worden, zijn een evenredig gedeelte op maandbasis van de jaarcontributie verschuldigd.
3. Het bestuur geeft voorschriften ten aanzien van de inning der contributies en de wijze, waarop deze aan het bestuur moeten worden afgedragen.

Artikel 19
Het bestuur beslist over:
1. De aanwijzing van een of meer instellingen of banken, waarbij de kasgelden van de vereniging, voor zover deze de f 100,-- te boven gaan, worden geplaatst;
2. De grootte van de bedragen, die door de penningmeester bij genoemde instellingen of banken kunnen worden opgenomen.

Artikel 20
De controle op het financieel beheer en de boekhouding van de vereniging wordt opgedragen aan een controlecommissie.

Artikel 21
1. De in artikel 20 genoemde controlecommissie wordt telkens voor de duur van twee jaar gekozen door de ledenvergadering.
2. De kommissie heeft tot taak:

a. het controleren van de boekhouding van de vereniging;
b. het controleren van de contributieafrekeningen;
c. het uitbrengen van een schriftelijk verslag tijdens de eerste vergadering na beëindiging van de onder a. en b. van dit lid genoemde taken.

Artikel 22
De penningmeester is verplicht:
1. de kommissie inzage te geven in alle boeken en bescheiden, welke op de boekhouding en het financieel beheer van de vereniging betrekking hebben;
2. de kommissie alle inlichtingen te verschaffen, welke voor de uitoefening van de controle nodig zijn.

Artikel 23
1. De in artikel 20 genoemde kommissie bestaat uit twee leden en een reservelid.
2. Bestuursleden kunnen geen lid worden van de kommissie.

Van het padenfonds

Artikel 24
Er kan een steunfonds zijn t.b.v. het onderhoud van de buurwegen in de zin van de door de Gemeente vastgestelde verkoopvoorwaarden.

Artikel 25
Het steunfonds wordt gevormd door jaarlijkse bijdragen van de leden van de vereniging. De bijdragen kunnen per blok verschillen.

Artikel 26
De hoogte van de bijdragen wordt jaarlijks hetzij in de ledenvergadering, hetzij bij tussentijdse schriftelijke stemming vastgesteld.

Artikel 27
Van bijdragen zijn uitgezonderd, diegenen die niet onderhoudsplichtig zijn. Het steunfonds geldt voor dat blok waarvan drie vierde van het aantal bewoners lid is van de vereniging.

Artikel 28
Vervallen

Artikel 29
De kosten van het onderhoud worden uit het steunfonds bestreden, m.u.v. die zoals in verband met calamiteiten en rioolonderhoud.

Artikel 30
Het steunfonds staat onder beheer van de penningmeester van de vereniging. Het fonds wordt afzonderlijk geadministreerd en wel zodanig, dat ieders aandeel, dan wel per blok, in het fonds terstond kan blijken.

Artikel 31
Het bestuur bepaalt de mate waarin het onderhoud gepleegd moet worden na raadpleging van de in de verkoopvoorwaarden bedoelde gebruikers per blok van woonkavels. Het ziet toe op de kwaliteit van de uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden.

Artikel 32
Het onderhoud kan ook gepleegd worden op schriftelijk voorstel van het in bedoelde verkoopvoorwaarde aantal gebruikers per blok van woonkavels.

Artikel 33
De deelname aan het fonds houdt tevens een onvoorwaardelijke volmacht in van het lid aangaande zijn onderhoudsverplichting als eigenaar inzake de buurwegen.

Artikel 34
Alleen bij èn de beëindiging van het lidmaatschap èn de vervreemding van het kavel kan het lid zijn aandeel in het steunfonds terugvorderen. Een negatief aandeel wordt voor de vereniging zonder ingebrekestelling opvorderbaar.

Artikel 35
Opheffen van het fonds kan alleen bij besluit van de ledenvergadering in de zin van art. 17 van de statuten, waarbij de afgezonderde aandelen aan de leden worden teruggestort.

Slotbepalingen

Artikel 36
Het huishoudelijk reglement is in werking getreden op 22 april 1975 en gewijzigd op 22 april 1985.

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Hulpmiddelen